Het eerste deel van Les passions intellectuelles (1730-1750), dat ik pas uit heb, heeft me niet ontgoocheld. Het was wel een aparte leeservaring. Niet wegdromen bij een zin, maar opletten om de les te volgen. Non fictie is niet mijn ding, maar Badinter vertelt goed, heeft ook oog voor het kleine. Daardoor zijn de 500 bladzijden goed verteerd.
De 18de eeuw in Frankrijk is niet mijn spontane interesse. Ik lees over mannen en vrouwen die ik enkel van naam ken, en verder bijna niets meer weet. Montesquieu, Maupertuis, d’Allembert, Diderot, Voltaire, enz. Over hun passie: wetenschap, en over hun overdreven eergevoel, de passionele manier waarop ze de eerste, de slimste willen zijn. Boek 2 en 3 laat ik even liggen, want dat zou overkill zijn.

Des regrets? Ja, twee. Ten eerste dat ik zo weinig weet van de wetenschap waar het over gaat. De wiskunde, de scheikunde, de fysica. Newton, Leibniz, Bacon. Wat voel ik me onwetend. En het is onherroepelijk; te oud om bij te scholen in al die dingen. Définitivement je ne suis pas un intellectuel.
En ten tweede reppen ze geen woord over wat zich, in precies dezelfde jaren, over de oceaan afspeelt. La nouvelle France, de relaties en de botsingen met de indianenstammen. een wereld die ik beter ken en die me veel meer fascineert.