Er komt een boekenrek in het nieuwe huis. Dus laat ik me weer verleiden tot het kopen van boeken. Ook dikke boeken, zoals de laatste van John Irving. Waarom dat boek? Er was de recensie in DSL, en er was de prachtige coverfoto, en natuurlijk ook het thema: de hele transgenderproblematiek.
Daardoor (dat laatste) voelde ik me meteen thuis in de wereld van In een mens (In One Person is net iets duidelijker). Jongens en meisjes, mannen en vrouwen, de dunne scheiding tussen beide. De passages waarin het biseksuele hoofdpersonage vertelt over vrijpartijen met mannen en met vrouwen. Zijn fascinatie voor penissen en (kleine) vrouwenborsten. Het ging er bij mij allemaal heel makkelijk in. Een kolfje naar mijn hand.
En toch: ik vond het een heel rommelige roman. Ik hield ook niet van de vele referenties naar toneel (Ibsen en Shakespeare) en sommige personnages vond ik niet geloofwaardig. Het minst geloofwaardige in mijn ogen waren de vele transgenders in een gemeenschap, alsof de helft van de wereld er naar uiutkijkt om tot het andere geslacht te behoren. De meest viriele mannen eerst (in dit boek zijn dat de worstelaars.
Heb me toch geen seconde vervelld, en dat is al wat voor 527 bladzijden. En ik heb me beklaagd dat ik het niet in het Engels heb gelezen, en in een versie met hardcover… Misschien overweegt het positieve dus toch.