Lize Spit. Er was geen ontkomen aan. Superpositieve recensies in de krant, veel tamtam op teevee, eindelijk een schrijfster die ik opgestaan. Zou dat wel kloppen? Ik was heel kritisch eerst.
Bij het lezen ook nog. Toegegeven: ze kan een zin schrijven, en dat is op zich al een rariteit. En het verhaal is niet banaal. te lang soms, er mocht best was geschrapt worden. Dacht ik.
Maar meestal verlies ik dan mijn aandacht, sleep ik mij naar het einde. En dat was hier niet het geval. Integendeel: het laatste vierde van het boek is het beste. En ook dat is een rariteit. Lize Spit laat niet in haar kaarten kijken. Of juist wel, maar niet alles bloot. En zo was het mij niet meteen duidelijk waarom ze een blok ijs meebracht naar het feest. Het was voorspelbaar. Achteraf. Er zaten zoveel aanwijzingen. En toch krijg je als lezer de laatste kaarten maar helemaal op het einde te zien.
Doe maar bij de stapel sterke boeken. En als debuut dus dubbel sterk. Benieuwd of de verwachtingen ook in de toekomst worden waargemaakt.
Jammer dat het boek er niet uitziet. Gelukkig kocht ik het digitaal.