Ik heb me weer eens laten overtuigen door een recensie. Zijn er veel andere houvasten? Veel reliëf zit er vaak niet op. De commentaren in SdL zijn van goed tot zeer goed, en verder eigenlijk niets. Ik vermoed dat bij Wil van Jeroen Olyslaegers ‘zeer goed’ stond. Of neen, ik herinner het mij exact: “magnum opus” was de term.
Inflatie van woorden dus. Want Wil was best te lezen, en de neigingen om de lectuur stop te zetten waren niet zeer talrijk, maar magnum opus? Komaan. Een leesbaar boek, een interessant thema. Veel verder zou ik niet gaan.
Van Olyslaegers had ik nooit eerder iets gelezen (behalve een krantencolumn). En de taal is best leesbaar. En het onderwerp, de Jodenvervolging in Antwerpen, en meer specifiek de onzekere en dubbele rol die de politie daarbij gespeeld heeft, is interessant. En ja, je voelt dat er veel onderzoek aan het boek is voorafgegaan, in die zin snap ik de termen Magnum en Opus wel. Maar als literair resultaat is het gewoon een leesbaar boek.
Zeer uitzonderlijk ben ik ook naar een lezing geweest, van de auteur over het boek, in Theoria in Kortrijk. Viel me erg mee. Of juist niet. Want de man horen vertellen over de thematiek was stukken boeiender dan het boek. Hij heeft zoveel meer te bieden dan wat er in het boek te lezen valt. Dat heb je met lezingen (het kan ook omgekeerd). Het was een deugddoende vaststelling, dat er in Vlaanderen nog echte intellectuelen zijn, die hun mond open doen.
Nog Olyslaegers lezen? Ik sluit het niet uit.