Ze zijn niet gek, bij Flammarion, dat ze de intrigerende foto van Constance Debré op de cover zetten. Hebben ze bij Play boy, haar vorige boek, ook gedaan. En doen ze wel vaker met mooie vrouwen.
En het werkt ! Want hoe kan ik anders verklaren dat ik, tussen alle boeken in die wand in de Fnac van Les Halles. dat boek koos. Niet kocht. Ik maakte er wel een foto van, en bestelde de digitale versie een paar dagen later.
Zo, dat heb ik maar meteen toegegeven. Ik kick op de buitenkant. Normaal toch als je van taal houdt?
En nu het boek: ik ben erg enthousiast. Constance Debré is voor mij een ontdekking. En een gelukkige. Ik hou van wat ze schrijft en hoe ze het schrijft. Love me tender gaat over (het einde) van de liefde voor haar zoon. En de liefde voor vrouwen. Veel vrouwen. En maar één zoon. En gaat vooral over het hoofdpersonage zelf (Constance?). Er is niets mis met autobio als je goed kan schrijven. En met een goed plan.
Misschien één ding: ik was niet meteen gewonnen voor de korte hoofdstukken waarin ze haar verhaal verdeelt. De tekst zelf is zo boeiend, de zinnen zo slank en afgetraind (zoals Constance zelf) dat er geen nood is om alles te versnijden. Maar wat ben ik aan het vitten, toch. Constance Debré is voor mij de grootste ontdekking in de Franse literatuur sinds Patrick Modiano. Met die laatste heeft ze trouwens de weigering gemeen om van elk interview een gewenste en vlotte babbel te maken. Wat hou ik van die vrouw.
Wedden dat het niet lang meer duurt voor ik Play boy lees?