Lang geleden heb ik Marcel gelezen, van Erwin Mortier. Was me toen niet zo bevallen. Vond ik te zwaar. Zware woorden, zware zinnen. Vlaamse klei. Sindsdien niets meer gelezen van Mortier, denk ik.
Maar toen de recensie in dSL de nieuwe roman van Erwin Mortier, De onbevlekte, vijf sterren gaf, vond ik het moment gekomen om mijn mening te herzien. Heb ik me trouwens niet beklaagd.
Marcel is nog altijd Marcel. De foute grootoom, collaborateur, gesneuveld ergens in Oekraïne, met idealen voor het Vlaamsche Volk. En ook De Onbevlekte is een echte boerenroman. Een roman over boeren. Over het land dus, de teelt, de beesten, het harde boerenleven. maar dit keer heb ik me er niet aan gestoord.
Het blijft natuurlijk een medaille met twee kanten. Niemand kan zo raak schrijven over het harde leven op een boerderij in Vlaanderen. Jongens wat een vocabularium. Daar ben ik echt jaloers om. Op elke bladzijde zijn er minstens een paar woorden die ik niet actief gebruik, soms ook niet herken. Wat zou ik willen kunnen schrijven als Mortier.
Maar het verhaal dat je uiteindelijk wil vertellen gaat daar soms onder gebukt. Veel minder dan bij Marcel (dat is toch mijn aanvoelen). Toch zijn het extra lagen, waar je als lezer door moet. Ik wil niet altijd weten hoe de aarde ruikt of smaakt.
Bij De onbevlekte komt daar ook nog eens een laag ‘vertellers’ tussen. Het perspectief verandert in de loop van de roman, en als lezer was het voor mij niet altijd 100 % duidelijk wie er aan het woord was. Zo onervaren ben ik toch niet. Er moeten daar meer lezers op botsen, denk ik dan. En ik hou van verhaaltechniek, van wisselend perspectief. Maar ik was al door de klei geraakt, en soms was er een laag te veel. Toegegeven: ik ben een rationele mens, en poëzie is niet aan mij besteed. dat zal het ook wel verklaren.
Ik ben te negatief geweest, denk ik. De onbevlekte is een heel mooi boek, met emoties die me aangegrepen hebben. Het is een dun boek, en ik heb het in geen tijd uitgelezen. Voilà.