
Ze blijven op de loer liggen. Die momenten waarop mijn geest afdwaalt naar de French and Indian War. Er is zoveel over geschreven, en ik heb er al zoveel over gelezen, dat er nu waarschijnlijk alleen maar pulp overblijft. Maar waarom heb ik dit boek dan uitgelezen? En waarom krijgt het dus een plaats in deze leeslijst?
Opvallend veel vrouwen hebben verhalen geschreven over die periode en die plek. Verhalen waarin weinig verteld wordt over de oorlog, de gevechten, het geweld. Neen, bij Lori Benton is de slag om fort William Henry maar een vertrekpunt, een voor Amerikanen zeer herkenbare plaats, waarmee je verhaal automatisch een historisch tintje krijgt. Soms ten onrechte.
Meestal lees ik die boeken niet uit, check ik op een aantal woorden, maar geef er uiteindelijk de brui aan. Hier niet. Er moet dus iets zijn dat me tot het einde van de roman heeft geleid. Vlot geschreven misschien? Of toch geen platte romantiek. The Wood’s Edge gaat vooral over een tweeling, die onmiddellijk na de geboorte wordt gescheiden. Terwijl de moeder slaapt, neemt een blanke officier een van de boorlingen mee. Om zijn eigen doodgeboren kind te vervangen. Enzovoort. Het koppel met het gestolen kind ontsnapt aan de afslachting door de indianen, en op het einde komt (bijna) alles goed. Heel kort samengevat.
Zo, een aanrader zou ik het niet noemen. Maar ik hoef er niet met rode kaken over te schrijven.